Zoeken - Zoekresultaten
Eerste prejudiciële vragen in strafzaken die aan de Hoge Raad zijn voorgelegd
De Hoge Raad wees in 1972 een arrest dat verband houdt met een verweer dat tegenwoordig vaak als ‘het alternatieve scenario’ wordt aangeduid. In het zogenoemde Meer en Vaart-arrest oordeelde de Hoge Raad dat, als de feitenrechter een bewijsverweer van de verdachte verwerpt dat niet strijdig is met de bewijsmiddelen maar wel onverenigbaar is met de bewezenverklaring, die verwerping moet worden gemotiveerd in de uitspraak. Dit Meer en Vaart-arrest is vandaag gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.
De veroordelingen van drie verdachten voor onder meer betrokkenheid bij de diamantroof op de luchthaven Schiphol in februari 2005 kunnen in stand blijven. Dat adviseert advocaat-generaal (AG) Harteveld de Hoge Raad in zijn conclusies van vandaag. Dat geldt ook voor de veroordeling van een vierde medeverdachte wegens witwassen van de opbrengsten van de roof.
De veroordeling van Jos B. in de zaak van Nicky Verstappen wegens vrijheidsberoving, ontucht en doodslag kan in stand blijven. Dat geldt ook voor de veroordeling wegens het bezit van kinderporno. Dat adviseert advocaat-generaal (AG) Aben de Hoge Raad in zijn conclusie van vandaag.
Kon de dodelijke longembolie van een inzittende, waaraan hij twaalf dagen na een aanrijding overleed, worden gezien als het gevolg van de aanrijding tussen twee auto’s die de verdachte had veroorzaakt? Deze kwestie over causaliteit – het juridische leerstuk over de vraag wanneer iets kan worden gezien als gevolg van een bepaalde gebeurtenis – werd in 1978 aan de Hoge Raad voorgelegd. De Hoge Raad oordeelde in deze zaak dat dit causaal verband er was. In dit arrest introduceerde de Hoge Raad de leer van de redelijke toerekening. Dit arrest ‘Letale longembolie’ is vandaag gepubliceerd op rechtspraak.nl.
Aan de hand van beelden, cijfers, beschouwingen en interviews wordt in het jaarverslag over 2024 verslag gedaan van de werkzaamheden van het rechtscollege de Hoge Raad, het parket bij de Hoge Raad en de directie bedrijfsvoering in 2024.
Had schrijver Gerard Reve zich in publicaties schuldig gemaakt aan smalende godslasteringen zoals strafbaar gesteld in het toenmalige artikel 147 in het Wetboek van Strafrecht? De Hoge Raad beantwoordde deze vraag in 1968 ontkennend. Sinds vandaag staat de uitspraak van de Hoge Raad online op www.rechtspraak.nl.
De veroordelingen van twee verdachten wegens grootschalige beleggingsfraude kunnen in stand blijven. Dat adviseert advocaat-generaal (AG) Paridaens de Hoge Raad in haar conclusies van vandaag. Het gaat in deze zaken om een grootschalig piramidespel met investeringsproducten van Quality Investments.