Prejudiciële vraag 22/00456


Rechtsgebied
Belasting
Verwijzende instantie
Gerecht in Eerste Aanleg (AUA202002936)
Datum uitspraak
4 februari 2022
Vindplaats uitspraak
ECLI:NL:OGEAA:2022:15
Status
Schriftelijke opmerkingen

Prejudiciële vragen over de Arubaanse grondbelasting, wetswijziging van 1 januari 2019, tussentijdse tariefverhoging binnen belastingtijdvak 2017-2021. Aanslagoplegging en vijfjarig tijdvak.

Is de aanslag grondbelasting 2019 met dagtekening 31 mei 2019 aan te merken als een tweede aanslag over het boekjaar 2019? Bij positieve beantwoording van de eerste vraag 2. Kan ter zake van de per 1 januari 2019 ingevoerde wijziging van artikel 11 van de Landsverordening Grondbelasting een navorderingsaanslag worden opgelegd? Die vraag valt uiteen in twee deelvragen a Is de voor 1 januari 2017 opgelegde aanslag naar een te laag bedrag vastgesteld? Bij positieve beantwoording van die vraag b Vormt de wijziging van artikel 11 van de Landsverordening Grondbelasting per 1 januari 2019 een nieuw feit in de zin van artikel 13 lid 1 van de Algemene Landsverordening Belastingen dat navordering rechtvaardigt? Bij negatieve beantwoording van de eerste vraag of bij positieve beantwoording van de tweede vraag 3 Vormt de wijziging van artikel 11 van de Landsverordening Grondbelasting op stelselniveau een onaanvaardbare inbreuk op artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM en is ze in strijd met artikel 1.19 van de Staatsregeling?