Prejudiciële vraag 21/01584


Rechtsgebied
Civiel
Verwijzende instantie
Rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond (8759667/CV EXPL 20-4630)
Datum uitspraak
31 maart 2021
Vindplaats uitspraak
ECLI:NL:RBLM:2021:2982
Status
In behandeling bij Raad
Datum conclusie PG
30 september 2021
Vindplaats conclusie PG
ECLI:NL:PHR:2021:902

Dient de als gevolg van de coronacrisis van overheidswege opgelegde sluiting van de horeca beschouwd te worden als een gebrek in de zin van artikel 7:204 lid 2 BW?


5.1. stelt aan de Hoge Raad de volgende prejudiciële vragen ex artikel 392 Rv.
1. Dient de als gevolg van de coronacrisis van overheidswege opgelegde sluiting van
de horeca beschouwd te worden als een gebrek in de zin van artikel 7:204 lid 2
BW?
2. Zo ja, aan de hand van welke criteria moet dan de mate van huurprijsvermindering
worden beoordeeld?
(Of) vormt de beperking in het gebruik van het gehuurde een onvoorziene
omstandigheid die tot huurprjsvermindering kan leiden?
4. Zo ja, welke omstandigheden van het geval wegen mee bij het bepalen of verdelen
van de schade?
5.2. verstaat dat de griffier een afschrift van dit vonnis aan de griffier van de Hoge
Raad zendt;
5.3. houdt iedere verdere beslissing aan totdat een afschrift van de beslissing van de
Hoge Raad is ontvangen.