Zoeken
Naar aanleiding van prejudiciële vragen die de rechtbanken Amsterdam en Noord-Holland aan de Hoge Raad hebben gesteld in twee zaken over online gokken, heeft advocaat-generaal (AG) Lindenbergh vandaag conclusie genomen. Het gaat met name om de vraag of kansspelovereenkomsten met aanbieders van kansspelen via internet die daarvoor geen vergunning hadden, om die reden ongeldig zijn. Dit is van belang voor speldeelnemers die met online gokken geld hebben verloren.
De AG is van opvatting dat de centrale vraag ontkennend moet worden beantwoord: kansspelovereenkomsten die zonder vergunning via internet zijn aangegaan, zijn niet om die reden ongeldig. Een vordering tot terugbetaling van het geleden verlies is dan ook niet op grond van onverschuldigde betaling toewijsbaar.
Met ingang van 1 januari a.s. is er een nieuw inlogmiddel (een digitaal authenticatiemiddel) beschikbaar dat het mogelijk maakt om ook in het Caribisch deel van het Koninkrijk digitaal te procederen bij de Hoge Raad.
De veroordeling van een dakdekker voor oplichting van zeven klanten in Bussum, Muiderberg en Bilthoven blijft in stand. Dat heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld.
De Hoge Raad heeft vandaag uitspraak gedaan in de cassatieprocedure naar aanleiding van inbeslaggenomen geluidsbestanden van gesprekken die door Peter R. de Vries zijn gevoerd met onder andere twee (toenmalige) advocaten. Het gaat in deze procedure om de vraag of die geluidsbestanden mogen worden gebruikt voor strafrechtelijk onderzoek. De rechtbank oordeelde dat het Openbaar Ministerie (OM) een aantal fragmenten van die geluidsbestanden daarvoor mag gebruiken. Tegen die beslissing is door de twee advocaten cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De Hoge Raad is kort gezegd van oordeel dat de uitspraak grotendeels in stand kan blijven maar dat de rechtbank beter had moeten onderzoeken en motiveren of met de doorbreking van het verschoningsrecht de belangen zijn geschaad van andere cliënten dan de cliënt waar de verdenking betrekking op heeft.
Op donderdag 2 april 2026 vindt bij de Hoge Raad een symposium plaats in het kader van tien jaar prejudiciële vragen aan de belastingkamer van de Hoge Raad. Het symposium begint om 15.00 uur (inloop vanaf 14.30 uur), Korte Voorhout 8, Den Haag.
Als de rechter een pleeggezin onvoldoende veilig vindt voor een minderjarige, moet hij op zo’n manier beslissen dat plaatsing in het pleeggezin wordt voorkomen of beëindigd. Vindt een gecertificeerde instelling (hierna: GI) een pleeggezin onvoldoende veilig voor een onder haar toezicht of voogdij staande minderjarige, dan moet zij van plaatsing in het pleeggezin of van de voortzetting daarvan afzien. Dat heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld naar aanleiding van prejudiciële vragen van de rechtbank Noord-Nederland over, kort gezegd, de (rechts)bescherming van een kind dat in een pleeggezin is of wordt geplaatst en van ouders in geval van gezagsbeëindiging.
De tot halverwege 2020, in de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) vastgelegde belastingrente van minimaal 4% voor niet-vennootschapsbelastingzaken is niet onverbindend. Dat adviseert advocaat-generaal (AG) Koopman de Hoge Raad in zijn conclusie van vandaag.
De procureur-generaal (PG) bij de Hoge Raad, Edwin Bleichrodt, heeft de minister van Justitie en Veiligheid geïnformeerd dat hij geen aanknopingspunten ziet voor een opsporingsonderzoek naar aanleiding van een aangifte tegen (demissionair) minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de heer Moes. Dat is de uitkomst van het door hem uitgevoerd oriënterend onderzoek naar aanleiding van deze aangifte.
De ministerraad heeft vandaag ingestemd met de benoeming van P.T.C. (Petra) van Kampen tot advocaat-generaal bij de Hoge Raad.