Maarten Kroeze nieuwe president Hoge Raad per 1 november 2026

24 april 2026

De ministerraad heeft vandaag M. J. Kroeze voorgedragen voor benoeming tot president van de Hoge Raad per 1 november van dit jaar. Hij is na een interne procedure door de Hoge Raad als kandidaat voor het presidentschap aanbevolen. Maarten Kroeze zal Dineke de Groot opvolgen, die na zes jaar presidentschap op 1 november a.s. weer volledig in de civiele kamer werkzaam zal zijn. Het is bij de Hoge Raad gebruikelijk dat de functie van president voor ten hoogste zes jaar wordt vervuld.

Maarten Kroeze is vicepresident van de civiele kamer van de Hoge Raad sinds 1 januari 2022. Daarvoor was hij sinds 1 september 2016 raadsheer in de Hoge Raad. Van 2004 tot 2016 was hij als hoogleraar ondernemingsrecht verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

De president van de Hoge Raad is de functionele autoriteit voor alle rechters in de Hoge Raad en voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur van de organisatie van de Hoge Raad. De president is ook het boegbeeld van de Hoge Raad en kan dat ook zijn van de rechtspraak in het algemeen. Die representatieve taak beperkt zich niet tot onze landsgrenzen: ook in het buitenland vertegenwoordigt de president de Hoge Raad. Samen met de procureur-generaal bij de Hoge Raad is de president overlegpartner voor andere belangrijke organen in Nederland, zoals het parlement, de minister van Justitie en Veiligheid en de Raad voor de rechtspraak.

Lees meer in een eerste kort interview (tekst staat onder de foto).

fkeu 26 hoge raad der nederlanden - maarten kroese 05

U wordt de nieuwe president van de Hoge Raad. Wat betekent dat voor u?
Ik vind het heel bijzonder en eervol dat dit op mijn pad is gekomen. De Hoge Raad is in onze democratische rechtsstaat een onmisbaar instituut. Ik neem graag de fakkel van Dineke de Groot over om samen met iedereen die bij de Hoge Raad werkt een bijdrage te leveren aan onze rechtsstaat. Ik zie dat overigens ook als een opdracht. Ik zal binnenkort ten overstaan van de Koning opnieuw moeten beloven dat ik de Grondwet zal onderhouden en nakomen. Daarin staat nog voor artikel 1 dat de Grondwet de democratische rechtsstaat waarborgt.

Daarnaast heb ik de Hoge Raad de afgelopen tien jaar leren kennen als een heel fijne plek om te werken. Er is een sfeer waarin naar elkaar wordt omgekeken, en waarin iedereen gewaardeerd wordt vanuit de overtuiging dat wij allemaal bijdragen aan het goed laten functioneren van de Hoge Raad en het Parket. Ik voel mij medeverantwoordelijk voor het behoud van die fijne werkplek.

Voor mij persoonlijk betekent het dat ik binnen de Hoge Raad een heel andere baan krijgt, die een beroep zal doen op andere vaardigheden. Dat vind ik spannend, maar ik kijk er ook naar uit. Ik ben decaan geweest van de juridische faculteit in Rotterdam. Dus ik weet wat er komt kijken bij het besturen van een organisatie. En ik hoef het gelukkig niet alleen te doen.

Wat voor president wilt u zijn?
De Hoge Raad staat voor mij voor continuïteit en betrouwbaarheid. Dat wil ik graag uitdragen. Dineke de Groot heeft als huidige president veel tot stand gebracht. Op die weg zal ik voortgaan. Ik vind het verder belangrijk dat iedereen binnen de Hoge Raad op de hoogte is van de belangrijkste ontwikkelingen rondom onze organisatie. Dat leidt tot betrokkenheid. In de profielschets staat dat de president het boegbeeld van de Hoge Raad is. Ik hoop ook meer te zijn dan een boegbeeld en samen met anderen onze koers uit te kunnen zetten.

Wat gaat u als eerste doen als u president bent?
Ik ga de eerste tijd vooral informatie inwinnen en inspiratie opdoen binnen en buiten de Hoge Raad. Zo zijn er nog enkele afdelingen binnen de Hoge Raad waarvan ik op dit moment onvoldoende afweet en die ik graag beter leer kennen. Daarnaast wil ik snel kennismaken met mensen van buiten onze organisatie die belangrijk zijn voor de Hoge Raad.

Welke uitdagingen ziet u voor de Hoge Raad in de komende periode?
De Hoge Raad is een belangrijk onderdeel van onze samenleving. Wat in die samenleving gebeurt, heeft onvermijdelijk gevolgen voor de Hoge Raad. We hebben de afgelopen jaren mensen gezien die zich afkeren van de samenleving. Die de instituties van onze rechtsstaat en dus ook de rechtspraak niet serieus nemen. Er is soms nogal persoonlijke kritiek geuit op individuele rechters. De geopolitieke situatie is onrustig en zal ertoe leiden dat de banden tussen de lidstaten van de EU hechter worden en dat kan ook invloed hebben op de samenwerking tussen rechterlijke instanties in de EU. De capaciteit van AI verdubbelt elke zeven maanden en de rechtspraak is op dat vlak, overigens om zeer begrijpelijke redenen, terughoudender dan andere sectoren. Cybercrime door statelijke actoren neemt toe en iedere organisatie, ook de onze, juist de onze, moet in staat zijn zich daartegen te weren. Ik ga nu voor al deze uitdagingen geen oplossingen formuleren. Maar zij zullen ongetwijfeld de komende jaren invloed hebben op de rol, de positie en het werk van de rechtspraak en dus ook van de Hoge Raad. Welke oplossingen ook in beeld komen, het beginpunt zal altijd zijn dat wij onpartijdig en onafhankelijk zijn en dat we vanuit die waarden beslissingen nemen in concrete zaken. Dat doen we al bijna tweehonderd jaar.

Bent u van plan om, als u straks president bent, zaken te blijven doen?
Ja, maar op een lager pitje dan nu. Het is ook als president goed om voeling te blijven houden met het werk waarvoor de Hoge Raad in het leven is geroepen. Het is nuttig om de dilemma’s van het rechterlijk werk te blijven ervaren. Daarnaast hou ik gewoon heel erg van de juridische inhoud en de inhoudelijke samenwerking met collega’s. Ik zal dat doen in de civiele kamer. Daarnaast hoop ik ook bij de strafkamer en de belastingkamer af en toe als toehoorder te mogen aanschuiven. Over de wijze waarop dit precies vorm krijgt, zal ik nog overleggen met de drie kamers.