Veroordeling voormalig minister van Financiën van Curaçao wegens onder meer uitlokking moord op politicus Wiels blijft in stand

7 juni 2022

De veroordeling van een man, tevens voormalig minister van Financiën van Curaçao, wegens onder meer de uitlokking van de moord op politicus Helmin Wiels die op 5 mei 2013 op Curaçao werd doodgeschoten, blijft in stand. Dat heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld.

De zaak

Het meest ernstige feit waarvoor de verdachte is veroordeeld, is het uitlokken van de moord op politicus Helmin Wiels die op 5 mei 2013 op het strand van Curaçao is doodgeschoten. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft dit omschreven als een ‘op bestelling gepleegde moord’ tegen betaling. Daarnaast heeft de verdachte zich volgens het Hof als minister van Financiën van Curaçao schuldig gemaakt aan het antedateren van een ministeriële Aanschrijving en valse geschriften gebruikt om geld tot een totaalbedrag van bijna een half miljoen (Antilliaanse) gulden te verduisteren. Het Hof veroordeelde de verdachte tot 30 jaar gevangenisstraf. Tegen deze veroordeling stelde de verdachte beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. Eerder zijn al twee mededaders veroordeeld wegens hun betrokkenheid bij de moord op Wiels waaronder de mededader X, die door het hof als ‘moordmakelaar’ is aangeduid. De uitspraken in die zaken zijn inmiddels onherroepelijk.

Cassatie(klachten)

De advocaat van de verdachte vroeg de Hoge Raad de uitspraak van het gerechtshof te vernietigen. In cassatie wordt onder meer geklaagd dat de onschuldpresumptie van de verdachte is geschonden doordat het Hof in het vonnis van de mededader X en het bij het vonnis begeleidende persbericht al had vastgesteld dat de verdachte aan de mededader X de opdracht voor de moord op Wiels had gegeven.

Oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad heeft deze cassatieklacht mede aan de hand van de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) beoordeeld en is tot het oordeel gekomen dat de klacht niet slaagt. Het hof heeft in het vonnis in de strafzaak tegen de mededader X uitgelegd waarom het hof de relatie van deze mededader tot de uitvoerders van en de opdrachtgever(s) tot de moord op Wiels moest onderzoeken en de feiten moest vaststellen die daarvoor van belang waren. Het hof heeft er daarbij ook op gewezen dat een gelijktijdige berechting met deze mededader ook niet mogelijk was omdat de verdachte ervoor gekozen had in Venezuela te verblijven. De conclusie van het hof dat daarom geen sprake is van een ongeoorloofde inbreuk op het vermoeden van onschuld is niet onjuist of onbegrijpelijk. Ook het oordeel van het hof dat de onschuldpresumptie niet is geschonden als gevolg van het begeleidende persbericht bij het vonnis is juridisch juist en voldoende begrijpelijk gemotiveerd. Het gaat om een persbericht dat het vonnis van het hof in de zaak tegen de moordmakelaar begeleidt, daarnaar uitdrukkelijk verwijst en daarvan een samenvatting geeft. De woordelijke inhoud en strekking van dat bericht wijken voor wat betreft de rol van de verdachte in de kern niet af van de tekst van het vonnis.

Ook de overige cassatieklachten slagen niet. Dat brengt met zich dat de veroordeling en de opgelegde gevangenisstraf in stand blijven.

Publicatie op rechtspraak.nl

ECLI:NL:HR:2022:839