Profiel raadsheer


Als cassatierechter is de Hoge Raad in het bijzonder belast met de rechtsbescherming en rechtsontwikkeling en met de handhaving van de rechtseenheid. De Hoge Raad controleert, ten behoeve van de rechtsbescherming,  de lagere rechtspraak op een juiste rechtstoepassing en een behoorlijke rechtspleging. Voor een goede uitoefening van deze taken zijn hoge kwaliteit en gezag noodzakelijk.

De uitspraken van de Hoge Raad komen tot stand door collegiale rechtspraak. De kamers waaruit de Hoge Raad is samengesteld - de burgerlijke kamer, de strafkamer en de belastingkamer, ieder bestaande uit ongeveer tien raadsheren - en de Hoge Raad als geheel dragen zorg voor de kwaliteit, de eenheid en de consistentie van zijn rechtspraak.

De raadsheren (m/v) behandelen alle zaken op het terrein van de kamer waarin zij werkzaam zijn. Raadsheren zijn soms voor een korte of langere periode werkzaam in een andere kamer dan overeenkomt met het rechtsgebied waarin zij gespecialiseerd zijn.

De Hoge Raad is samengesteld uit goede, ervaren juristen die affiniteit hebben met de rechtspraak.

Een raadsheer in de Hoge Raad moet beschikken over de kennis en de bekwaamheid, de capaciteiten en de persoonlijkheid die passen bij genoemde taken en werkwijze van de Hoge Raad.

Voor het vervullen van de functie van raadsheer zijn in het bijzonder de volgende kwaliteiten van belang:

  • Een raadsheer is een excellent en ervaren jurist en blinkt uit op een of meer rechtsterreinen of door de breedte van zijn/haar kennis. Hij/zij heeft de capaciteiten en de bereidheid om zich op korte termijn rechtsterreinen eigen te maken waarmee hij/zij nog niet of in mindere mate bekend is, op het voor de Hoge Raad vereiste hoge niveau.
  • Een raadsheer heeft niet alleen buitengewone juridische deskundigheid en bekwaamheid, maar ook het gezag, de capaciteiten en de kennis om een evenredige bijdrage te leveren aan de uitoefening van genoemde taken, zowel op het vlak van de rechtsvorming, rechtsontwikkeling en rechtseenheid, als op het vlak van de controle van de lagere rechtspraak en het richting geven aan de rechtspraak als geheel.
  • Een raadsheer beschikt over kennis van of ervaring in de rechtspraktijk of het maatschappelijk leven op voor de rechtspraak van de Hoge Raad relevante terreinen.
  • Een raadsheer beschikt over een uitstekend analytisch vermogen en een voortreffelijke schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid. Hij/zij kan complexe feiten, overwegingen en redeneringen helder, nauwkeurig en trefzeker onder woorden brengen. Een en ander dient bij voorkeur te blijken uit wetenschappelijke publicaties of andere geschriften.
  • Een raadsheer beschikt over een rechterlijke houding. Hij/zij dient onpartijdig, onafhankelijk en integer te zijn. Hij/zij is zorgvuldig en beschikt over luister- en besluitvaardigheid. Hij/zij heeft een professionele instelling, kan zelfstandig werken en omgaan met werkdruk.
  • Een raadsheer is in staat tot intensieve collegiale samenwerking. Hij/zij beschikt over communicatieve vaardigheden, is collegiaal en flexibel.
  • Een raadsheer kan leidinggeven aan medewerkers en aan ondersteuning.